Cryptomnesia

“Wacht, ik heb een goed idee!”

Vroeger, voordat we allemaal smartphones kregen, had ik op de middelbare school een papieren agenda. Daarin hield ik bij wanneer ik welke vakken had en welk huiswerk af moest zijn. Omdat het altijd zo een bladerwerk was om de juiste week te vinden, besloot ik op een dag om het anders te doen. Ik vouwde de pagina’s van de weken die ik al had gehad dubbel. Zo wist ik gelijk waar in mijn agenda ik moest zijn. Mijn klasgenoten keken me raar aan. Kennelijk was ik de enige met dit probleem. Tot ik, een half jaar later, tijdens een les mijn agenda bijwerkte en iemand naast mij vroeg “Hé, doe jij dat ook!?”. “Ja”, dacht ik, “ik was de eerste!” Niet veel later waren ik en mijn mede-vouwer niet meer de enigen en liepen er meer mensen met dubbeldikke agenda’s rond. En wel meer dan één dacht dat hij/zij de hype was begonnen. Wat mij hier nog het meest van bij blijft is de verbazing van mijn buur, die leek oprecht te denken dat zij de eerste was. Nu ik er meer over nadenk gebeurt het me wel vaker. Zo kom ik weleens met een idee of advies bij iemand, wat op dat moment wordt weggewuifd. Hoor ik ze enkele weken later er enthousiast over vertellen alsof ze het zelf bedacht hebben! Gaan deze mensen stiekem met mijn ideeën op de loop of speelt hier iets anders? Wat als ze vergeten zijn dat ze het al eens eerder hebben gehoord of gezien? In de psychologie bestaat daar een woord voor: cryptomnesia.

Cryptomnesia is een samenvoeging van de woorden cryptos en mnesia. Cryptos is Grieks voor “geheim” en mnesia betekent “herinnering”. Cryptomnesia is dus eigenlijk een geheime herinnering, een herinnering waarvan je niet weet dat je die hebt. Best toepasselijk want deze bias komt voort uit het fenomeen dat we soms vergeten dat iets een herinnering is. We weten dan niet meer dat we iets al eerder gezien, gelezen of gehoord hebben, waardoor het een compleet nieuw idee lijkt als het weer in ons opkomt. We denken dan dat we het zelf bedacht hebben, maar stiekem kijken we het af van iets dat we eerder meegemaakt hebben. Dat overkwam onder andere schrijver Robert Louis Stevenson, die tot zijn schok ontdekte dat hij in zijn boek Treasure Island een heel aantal dingen had geschreven die bijna letterlijk voorkwamen in een eerder werk van Washington Irving, Tales of a Traveller(1). Zo zorgt cryptomnesia nog best weleens voor onbedoeld plagiaat. Sterker nog, het komt zelfs vaak genoeg voor dat er op gerechtelijk niveau iets aan gedaan is. Zo staat onbedoeld plagiaat door cryptomnesia in de Amerikaanse rechtbanken gelijk aan echt plagiaat!

Hoe werkt dat dan? Er zijn twee vormen van cryptomnesia. Bij de eerste vorm vergeten we de gedachte, waardoor we niet meer weten dat het een herinnering is. Dat kan bijvoorbeeld gebeuren met een idee van een ander, zoals ik zelf heb ervaren. Het kan ook gebeuren met een idee dat je zelf al eerder hebt gehad. Zo gebeurt het nog weleens dat we denken met een geweldig nieuw idee te zitten. Om er vervolgens achter te komen dat we datzelfde idee al een keer eerder hebben gehad. De tweede vorm treedt op wanneer we vergeten wie de bron was van een idee dat we hebben. Dat gebeurde bijvoorbeeld bij Robert Louis Stevenson, die dacht met geweldige inspiratie te schrijven maar eigenlijk het werk van een ander overnam.

Ons geheugen is dus een stuk feilbaarder dan we vaak denken. Zo kan cryptomnesia op een hoop manieren voor problemen zorgen. Als het gaat over het herinneren wie als eerste zijn agenda begon te vouwen stelt het niks voor. Maar als het gaat om de wetenschap of de kunst kan het al snel een stuk groter worden. Zo is Robert Louis Stevenson niet de enige die merkte dat hij onbewust dingen had overgenomen uit het werk van een ander. Hetzelfde gebeurde bij vele anderen en het is lastig om te bepalen hoe we daarmee om moeten gaan. Het is immers heel moeilijk om aan te tonen of er bewuste plagiaat speelt of dat het een geval van cryptomnesia is. En zelfs als het cryptomnesia is, dan is er nog niet meteen duidelijk wat we eraan moeten doen. We kunnen iemand niet straffen voor iets waar ze oprecht niet van wist dat het een misdaad was. T0ch kan het onbedoelde plagiaat een hoop schade aanrichten. Misschien kunnen we ons daarom beter richten op het verminderen van deze bias, want daar blijken wel mogelijkheden toe te zijn.

Uit onderzoek is gebleken dat de meeste mensen zo nu en dan, in bepaalde mate, lijden aan cryptomensia(3). Cryptomnesia treed vooral snel op wanneer we met veel tegelijk bezig zijn in ons hoofd (4). De mentale belasting op ons brein is dan erg hoog. Ons brein heeft dan niet goed de tijd en ruimte om te registreren waar bepaalde ideeën vandaan komen en de informatie op de juiste manier op te slaan. Daardoor wordt het idee zelf soms wel onthouden maar de bron niet of verdwijnt het idee in een hoekje waar we het een soort van “vergeten”. Wanneer de juiste situatie zich dan voordoet om de informatie te triggeren, komt deze opnieuw tot ons. Echter, omdat we de context van de informatie missen, denken we dat het een nieuwe idee is dat we net hebben opgedaan. Grappig genoeg is het effect van cryptomnesia wel gemakkelijk te verminderen. Zo blijkt het al te helpen om mensen eraan te herinneren te letten op de oorsprong van hun ideeën. Dat kan al gedaan worden door te kijken naar anderen die verwante ideeën hebben om te toetsen of je zelf een origineel idee hebt. Vaak komen we er dan al snel achter als cryptomnesia in het spel is. Misschien had ik zelf ook eens moeten checken wanneer mijn klasgenoot begon met het vouwen van de bladzijden in haar agenda. Wie weet heb ik de kunst stiekem toch wel van haar afgekeken…

Referenties

 1 Stevenson, Robert Louis. “The Art of Writing”About.com:Classic Literature . Retrieved 26 July 2010.
Oppel, Frances (2005). Nietzsche On Gender. University of Virginia Press. p. 204. ISBN 0-8139-2320-4
Brown, A. S., & Murphy, D.R. (1989). Cryptomnesia: Delineating inadvertent plagiarism. Journal of Experimental Psychology: Learning Memory, and Cognition, 15, 432-442. 
Macrae, C. N., Bodenhasen, G. V. & Calvini, G. (1999). Contexts of cryptomnesia: May the source be with you. Social Cognition, 17, 273-297.