“Lockdown: gevangen tussen rosy retrospection en de negativity bias”
“Die tijd dat ik in Lloret de Mar met mijn vrienden losging in de club. 24 Uur achter elkaar feesten. (zucht…) Wat was mijn leven toen toch volmaakt.”
Als we terugdenken aan het begin van 2020, voor de corona crisis, dan hadden we vast een ander beeld bij hoe ons leven er nu uit zou zien. We kunnen nauwelijks ontkennen dat onze wereld er dik een jaar geleden een stuk rooskleuriger uitzag. Maar is dat wel zo? We hebben namelijk de neiging om ons vroegere gebeurtenissen een stuk positiever voor te stellen dan toen we ze beleefden. Dit realiseren we ons alleen pas als we echt even stil staan bij hoe ons leven toen was. Denk bijvoorbeeld aan de gemiddelde maandagochtend van vóór de lockdown. De start van de werkweek wanneer het, vaak leuke maar dikwijls ook stressvolle, of juist saaie, circus weer begon. Als we het scherp voor ons halen, dan zien we ineens ook weer de minder prettige kanten van toen. Hier speelt rosy retrospection een rol. Net als mijn leven rond de vakantie in Lloret de Mar. Als ik even stilsta bij die tijd dan had ik veel stress om mijn studie, chronisch geldtekort, toenemende ongezonde levensstijl en een basis die werd gelegd voor een burn-out crisis. Hoe kan het dat die herinneringen niet direct boven komen drijven als ik me verzucht over dat heerlijke leventje toen?
Dat kan ermee te maken hebben dat bij rosy retrospection we ons namelijk vooral het ‘gevoel’ herinneren dat past bij de ervaring uit het verleden. Het blijkt dat negatieve ervaringen die we opslaan als herinnering eerder aftakelen dan positieve. Dus ‘herinneren’ we ons het verleden positiever dan het was. Zeker als je wat ouder bent zal je dit mechanisme van rosy retrospection sneller ervaren. En ken je het wellicht als nostalgie. Als je nog jong bent (<30 jaar) ervaar je dat mogelijk nog niet. Dat kan, omdat je gemiddeld genomen nog een optimistischere verwachting van de toekomst hebt als je jonger bent1. Dit heeft dan weer te maken met de reminiscentiebult. Het feit dat je nog drukker bezig bent met herinneringen opbouwen tussen je 10e en 30e levensjaar dan daarna. Hierdoor heb je op latere leeftijd een ‘levendiger’ herinnering van vroeger2.
Je zou verwachten dat onze blik op de toekomst dat ook rooskleuriger is dan werkelijk het geval. Nu bestaan er natuurlijk echte rasoptimisten die overal het positieve van inzien. Maar gek genoeg werkt denken over het heden en de toekomst onbewust tegenovergesteld als denken over het verleden. Daarbij hebben negatieve denkbeelden en informatie juist een grotere impact op onze gemoedstoestand, waardoor negatieve prikkels meer aandacht krijgen dan positieve. Dit is de zogenaamde negativity bias3. Die maakt dat we soms moeite hebben met het inbeelden van positieve gevolgen van vervelende acties in het hier en nu. Zoals het volhouden van een lockdown tijdens een pandemie.
Toch hoeft dit niet per se het lot te zijn waar we ons klakkeloos bij neer hoeven te leggen. Want wanneer je bewust de focus legt op de toekomst en het hoopvolle perspectief, zal je merken dat je straks een hoop dingen weer echt zult waarderen. Zaken die we voor normaal aannamen. Hoe kijk je bijvoorbeeld uit naar een kop koffie op het terras en een spontaan bezoek van familie of vrienden? Of weer de mogelijkheid te hebben om je vrij te bewegen in de avond en je reislust te kunnen volgen. Negativity bias laat ons veel focussen op de pijn en frustratie, om die te beperken. Terwijl plezier en geluk daar vaak voorbij liggen. Evolutionair had die eerste focus een grotere overlevingsfunctie. Het tweede was hooguit kortstondig aanwezig om je te belonen voor het succesvol wegnemen van de stress die (potentieel) gevaar opleverde.
- Vind zin in actie voor een doel dat je waardevol vindt. Zet je bijvoorbeeld in voor een goed doel, of de buurt.
- Waardeer de kleine, mooie dingen in de schoonheid van nu. Geniet van de blauwe lucht tijdens een wandeling.
- Vind een manier om het lijden waardig te dragen. Bijvoorbeeld door een tegenslag aan te grijpen om ergens in te groeien4.
Referenties
3 Baumeister, R.F., Finkenauer, C., Vohs, K. D., 2001. “Bad is stronger than good”, Review of General Psychology, 5 (4): 323–370
4 Frankl, V.E., Winslade, W.J., 2008. Man’s Search For Meaning. Ebury Publishing. En met dank aan Lammert Kamphuis voor de inspiratie in zijn collegereeks Westerse Filosofie in Vogelvlucht van The School of Life
